Gevaar voor schoolsucces en de levenskwaliteit
"Schoolplichtige kinderen laten werken is schadelijk"
Schoolplichtige kinderen laten werken is schadelijk voor hun ontwikkeling en voor de gendergelijkheid. Dat zegt de Raad van de Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen in een advies over een voorontwerp van KB waarin wordt bepaald welke “lichte werkzaamheden” mogen worden toevertrouwd aan 15‑jarige kinderen.
Volgens de Arbeidswet van 16 maart 1971 mogen 15‑jarige kinderen die nog onderworpen zijn aan de volledige leerplicht niet werken. De wet van 18 december 2025 “houdende diverse bepalingen” heeft die bepaling geschrapt wanneer het gaat om “licht werk”. Voortaan mag een kind van 15 jaar na schooltijd 2 uur per dag en 12 uur per week werken, en tijdens schoolvakanties van minstens één week tot 8 uur per dag en 40 uur per week.
Wat verstaan moet worden onder "licht werk', wordt verduidelijkt in een voorontwerp van koninklijk besluit. Dat vermeldt de volgende activiteiten:
- medewerker in een vestiaire
- inpakken van kleine pakketten
- vakkenvuller
- verkoopassistent in kleinhandelszaken.
Risico op discriminatie en impact op levenskwaliteit
De Raad van de Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen vreest dat, gezien de nog steeds sterk aanwezige genderstereotypen in de Belgische samenleving, sommige werkgevers de eerste en de vierde van deze activiteiten uitsluitend aan meisjes zullen aanbieden.
Dat zou in strijd zijn met de wet van 10 mei 2007, die discriminatie op grond van geslacht op het werk verbiedt. De wet en het voorontwerp van KB hadden daarom een geïntegreerde effectbeoordeling (RIA), inclusief een analyse van de impact op gendergelijkheid, moeten ondergaan. Zo'n effectbeoordeling is verplicht voor elk ontwerp van de federale regering.
Deze Raad vindt ook dat de nieuwe regeling inzake arbeidsduur zowel de kwaliteit van het onderwijs als de levenskwaliteit van kinderen in gevaar kan brengen.
De afdeling Wetgeving van de Raad van State heeft ook al haar bezorgdheid geuit over het effect van deze bijkomende belasting op de ontwikkeling van het kind en op het welslagen van zijn schoolloopbaan.
Ook de Nationale Arbeidsraad heeft op dat gevaar gewezen, eerst in advies nr. 2450 van 27 mei 2025 en vervolgens opnieuw in advies nr. 2475 van 27 januari 2026.
Het Bureau van de Raad van de Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen beveelt daarom aan om het voorontwerp van koninklijk besluit niet goed te keuren.